
Een uitzonderlijke vogel lokt sinds woensdagavond tientallen vogelaars naar het Limburgse Schulen. Daar werd een rode rotslijster gespot, een vogelsoort die in Limburg nog nooit eerder werd waargenomen. Volgens kenners is het zelfs 10 jaar geleden dat die in België werd gezien. “Iedereen is nu onderweg om hem nog te kunnen spotten”, zegt vogelkenner Bart Hilven van het Natuurhulpcentrum in Oudsbergen.
De bijzondere vogel werd woensdagavond eerder toevallig ontdekt door een buurtbewoner. Die merkte een ‘vreemde vogel’ op in de straat en maakte er snel een foto van. Via enkele kenners belandde het beeld al snel bij vogelaars, waarna het nieuws zich als een lopend vuurtje verspreidde.
“Vanmorgen werd het echt bekend in vogelkijkend Vlaanderen”, vertelt Bart Hilven van het Natuurhulpcentrum in Oudsbergen. “Sindsdien rijden heel wat mensen vanuit heel België richting Schulen om de vogel nog te zien.”
Oranje buik
Dat enthousiasme heeft alles te maken met de uitzonderlijke status van de vogel. “Voor Limburg is dit de eerste keer dat deze soort ooit wordt waargenomen”, zegt Hilven. “En voor België is het toch alweer zowat tien jaar geleden dat er nog een rode rotslijster werd gezien.”
De vogel die nu in Schulen zit, zou volgens kenners een tweedejaars mannetje zijn. “De buik is fel oranje en de kop en rug zijn eerder grijs van kleur”, legt Hilven uit. “Qua grootte kan je hem vergelijken met een grote lijster.”
De rode rotslijster krijgt zijn naam ondermeer door de roodachtige kleur van zijn buik. Het woord ‘rots’ zit dan weer in de naam omwille van zijn habitat. De vogel leeft en broedt namelijk vooral in open, bergachtige en rotsachtige gebieden en behoort tot de familie ‘lijsters’.
Voor veel vogelaars is het spotten van zo’n zeldzame soort een unieke kans. Sommigen proberen er ook een foto van te maken om hun waarneming vast te leggen. “Dat is een beetje de hobby”, zegt Hilven. “Het is altijd bijzonder als zo’n nieuwe soort plots in België opduikt.”
Snel weer weg
Hoe lang de vogel nog in Schulen zal blijven, weet voorlopig niemand. “Dat is heel moeilijk te voorspellen”, zegt Hilven. “Hij zou er al sinds gisteravond zitten, maar het kan evengoed dat hij morgen alweer verdwenen is.”