“Soms stond het gras hier bij ons een halve meter hoog, maar als iemand anders vroeg om te maaien, liet hij alles vallen.” Echtgenote Carine vertelt met een krop in de keel over haar geliefde man Omer Vangeebergen (68), die gisteren om het leven kwam bij eentragisch werkongevalin het Vlaams-Brabantse Tienen. De gepensioneerde duizendpoot stond bekend om zijn tomeloze werklust. “Nu Omer met pensioen was, zouden we eindelijk tijd voor elkaar maken. Het mocht niet zijn”, vertelt ze.

Het is stil in de woning van Carine en Omer in Glabbeek. Onwerkelijk stil. De tranen vloeien herhaaldelijk. Carine verontschuldigt zich er bijna voor, hoewel dat nergens voor nodig is. Het verlies van haar Omer komt aan als een mokerslag. Maandagochtend om 6 uur stapte hij nog monter de deur uit, klaar voor een nieuwe dag vol klussen. Een paar uur later stond de politie aan de deur met nieuws dat haar wereld deed stilstaan.

“Computers waren niets voor hem”: Omer was een bekende figuur, geworteld in Glabbeek en Kapellen. Een man van de oude stempel, die liever vuile handen had dan een kantoorbaan. “Omer was van opleiding mechanicien”, vertelt Carine met een kleine glimlach. “Hij runde jarenlang zijn eigen garage naast zijn ouderlijke huis. Maar toen de computers hun intrede deden in de autosector, hield hij het voor bekeken. Dat was niets voor hem. Hij wilde wérken met zijn handen.”

Zo’n 25 jaar geleden gooide hij het roer om en trok hij de bouwsector in. Hij werd een ervaren dakwerker en bleef dat doen tot aan zijn pensioen. Maar wie dacht dat Omer daarna in een zetel zou gaan zitten, kende hem niet. “Stilzitten stond niet in zijn woordenboek.”

Een ‘Omer’ aan de visvijver: Omer was de man die de hele buurt draaiende hield. Of het nu een lekkende kraan was, een wc die vervangen moest worden of een buurvrouw die om hulp vroeg voor haar gazon: Omer kwam. “Soms stond het gras hier bij ons een halve meter hoog, maar als iemand anders vroeg om te maaien, liet hij alles vallen”, zucht Carine. “Je kon niet boos op hem zijn, want hij was zo sociaal. Hij móést onder de mensen zijn.”